*** 06.06.04 *** http://www.carelschouten.com


< -- TERUG

1. Muziek
2 . Films
3 . Tentoonstellingen
4 . Recepten
5 . Woord
6 . Beeld


Hallo lieve mensen,

U heeft enkele weken geduld moeten betrachten, maar hier ben ik weer, veilig en wel teruggekeerd uit de zuidelijke contreien. Mijn verblijf in Griekenland is me zeer goed bevallen en smaakt naar meer. Ik had het er denk ik best nog enkele weekjes langer uit kunnen houden. Met Athene (http://athene.pagina.nl/) als uitvalsbasis heb ik oorden bezocht, waarvan ik jaren geleden op school reeds de verhalen gehoord had. Zo heb ik een uitvlucht gemaakt naar Delphi (http://witcombe.sbc.edu/sacredplaces/delphi.html), beroemd om het legendarische orakel. Hierheen kwamen van heinde en verre burgers en koningen, veldheren en afgezanten van de antieke stadstaten om de Pythia, de priesteres van Apollo, te raadplegen bij een lastig parket. Volgens veel classicisten is dit een van de mooiste lokaties van het land. Dat oordeel kon ik niet direct vellen, maar ik heb in elk geval wel genoten van het uitzicht over de cipressen, olijfbomen, de deels overeind staande pilaren en de felrode klaprozen die hier en daar in het wild groeiden. In de verte was zelfs het blauwe water van de Golf van Korinthe te ontwaren.
Een andere dag ging de reis naar de akropolis van Mycene (http://www.culture.gr/2/21/211/21104a/e211da01.html), gelegen op de vruchtbare Peloponnesische vlakte Argolis. De mate waarin deze is bewaard is gebleven, stelde wat teleur in vergelijking met Delphi. Er staan alleen enkele fundamenten en afgestompte pilaren overeind. Wel leuk is de zogenaamde Leeuwenpoort, met twee door de elementen weliswaar afgesleten, maar toch nog wel koddige leeuwtjes. Ook treffend vond ik het gelaat van een rustende figuur, volgens de overlevering dat van Agamemnon, dat aan de horizon duidelijk in het gebergte te onderscheiden is. In het nabijgelegen museum is een replica van een aan Agamemnon toegeschreven gouden masker te zien, overigens opgegraven door de Duitse archeoloog Heinrich Schliemann. Het wordt allemaal nog interessanter te bedenken te bedenken dat dit 2000 jaar v.Chr. het machtscentrum van Griekenland was en het toneel is voor tal van een aantal bloedstollende, tot op heden opgevoerde Griekse tragedies.
Om te ontsnappen aan de drukte van Athene, een miljoenenstad met excessief verkeer en in volle voorbereiding op de zomerspelen, heb ik vanuit de haven van Piraeus een boottochtje gemaakt naar het rustige eilandje Egina (http://www.chant4.co.uk/aegina/). Met een zwaar bestofte, ronkende bus verkende ik het eiland. Nabij het plaatsje Marina verbrandde ik veel calorieën door een klim te maken naar de Afea-tempel, het belangrijkste historische monument van Egina. Vanaf deze Dorische 26 pilaren tellende tempel heb je schitterend zicht op zee, talloze andere eilanden, schiereilanden, en ook het vasteland met de Atheense akropolis en zelfs de tempel op kaap Sounion, het zuidelijkste puntje van Attica. Zoals op wel meer plaatsen in Griekenland mocht ik met mijn alumnipas, in de hoedanigheid van 'eeuwige student', gratis het terrein op.
Een laatste noemenswaardige plek die ik bezocht was het Kanaal van Korinthe (http://www.grisel.net/corinth_canal.htm). Het betreft een in zwaar gesteente uitgehouwen geul van zes kilometer lang die sinds 1893 de Ionische zee met de Egeïsche zee verbindt. Dat scheelt schepen een omweg van zo'n 340 kilometer. Het opmerkelijke is dat de rotswanden aan weerszijden van het kanaal maar liefst tachtig meter omhoog rijzen. Grote schepen kunnen er met hulp van een sleepboot doorheen varen. En dat heb ik dan ook, kijkend in de diepte, zien gebeuren.

Weer teruggekomen in Nederland realiseer ik me dat ik hier toch ook wel het een en ander te doen heb. Zo ben ik nog altijd mijn naam aan het vestigen als vertaler, en daar komt nog flink wat regelen en voorbereiden bij kijken. En als dat allemaal in kannen en kruiken is, moet ik natuurlijk nog maar afwachten in hoe grote stromen ik opdrachten binnen zal krijgen. Een visitekaartje van mijn diensten is inmiddels te vinden op mijn recentelijk verkregen domein: http://www.carelschouten.nl/.
Deze zomer ga ik in elk geval proberen niet werkeloos uit te zitten. Mogelijk ga ik al gauw van start met vrijwilligerswerk, dat me in staat zal stellen eens niet alleen dingen voor mezelf, maar ook voor andere mensen te regelen. Het is voor mij een experiment te kijken hoe ik na de nodige jaren in staat zal zijn met andere mensen samen te werken en ook niet alleen voor mezelf verantwoordelijkheden te nemen. Ik zie er in elk geval erg naar uit.
Voorts ga ik me de komende tijd met verhoogde aandacht op het schilderen richten. Ik had onlangs een voorlichtsmiddag bij mijn kunstuitleen Beeldend Gesproken (http://www.beeldendgesproken.com), waarvan o.a. de strekking was dat wij, de kunstenaars, meer werk moeten aanleveren. De kunstuitleen doet de laatste tijd namelijk goede zaken en heeft plannen te gaan uitbreiden en meer klanten te werven. Ik zit al wel met ideeën voor een verhoogde productie, maar moet nog wel bepalen hoe ik dat alles ga vormgeven. Ik wil o.a. nog aan mijn techniek werken en overweeg voor het komend collegejaar op nieuwe kunstcursussen in te tekenen. Een indruk van de nieuwe kant die ik uit wil, kunt u krijgen in de rubriek "Beeld".

MUZIEK

In de IJsbreker te Amsterdam woonde ik een optreden bij van het Axyz Ensemble (http://www.axyz-ensemble.com/) in het kader van het Karnatic Lab Festival (http://www.karnaticlab.com/). Het in 2002 opgerichte ensemble trad op met het project "Whatever Happened to the Heroes?". Hierin dient de traditionele epische zang uit Montenegro als uitgangspunt. Drie componisten van Joegoslavische afkomst, Stevan Kovacs Tickmayer, Ana Mihajlovic en Jasna Velickovic, schreven nieuwe composities waarin heldenverhalen uit de Balkanfolklore een rode draad vormt. Het gezelschap wordt gesterkt door vermaard Bulgaars componist en kaval-speler Theodossii Spassov. De kaval is een groot houten blaasinstrument dat veel door herders in de Balkan wordt gebruikt. Spassov weet met dit instrument folklore en contemporaine muziek op zijn geheel eigen wijze te combineren. Ik vond zijn stuk "Nyakuda v Rodopite" (Ergens in het Rodopigebergte) de meest aanstekelijke compositie van de avond. De uit meerdere delen bestaande "Revisited Paths" van Tickmayer waren spannend: nu eens was het een schijnbaar nergens heengaande leegte van zich hier en daar aandienende geluiden, dan weer een gedreven geheel met een stellige ritmische beweging eronder. Ik voelde me in elk geval thuis op de avond door de Slavische klanken en woorden om me heen.

In de Gagarin Club te Athene hoorde ik Tuxedomoon (http://www.tuxedomoon.com/). Een legendarische band die een aantal uiteenlopende indrukken weet op te wekken: Miles Davis, Kraftwerk, Radiohead en The Velvet Underground. Het uit San Fransisco afkomstige collectief heeft een geschiedenis van ruim vijfentwintig jaar, maar klinkt nog altijd verfrissend en vernieuwend. De bandleden hebben de afgelopen jaren over de hele wereld gewoond, o.a. in Mexico, Nederland en Griekenland. Dat is te horen aan invloeden uit traditionele muziek die niet onverdienstelijk hun intrede in het oeuvre van Tuxedomoon hebben gedaan. De heren presenteerden met dit concert hun nieuwe album "Cabin in the Sky", een mooie plaat die je mijns inziens slechts een keer hoeft te draaien om er grote waardering voor te krijgen. Moeiteloos weten de muzikanten een groot aantal uiteenlopende invloeden, klanken en ideeën samen te ballen tot een dertiental uitstekende nummers.

In de Rodon Club te Athene beleefde ik een ouderwetse mix van hardcore en hiphop. Het begon met het Griekstalige rapcombo Deadlock (http://www.deadlock.gr/), dat met rauwe, doch voor mij onverstaanbare lyrics en stevige Korn-achtige gitaarriffs voor een aardige roering in het publiek zorgde. Na Deadlock volgde FFC (Fortified Concept), ook een Griekstalig collectief. Zij waren wat gelikter, minder rauw, doch rapper van tong.
Het hoogtepunt van de avond kwam voor iedereen echter met het uit California afkomstige "Delinquent Habits" (http://www.delinquenthabits.com/). Deze band was de voorprogramma's qua show en virtuositeit de baas. Ze worden door sommigen ook wel de uitvinders van de "Latino Hip Hop" genoemd, een mix van latin funk, soul, rock en stevig beukende hiphopbeats. De meeste nummers die de heren ten beste gaven waren overigens gewoon in het Engels en niet in het Spaans. Op een gegeven moment ontboden ze mensen uit het publiek op het podium om gezamenlijk een glaasje tequila achterover te slaan. Ook werd er tijdens het optreden uitgebreid "gestagedived", dat wil zeggen: op het podium klimmen om er vervolgens vanaf het publiek in te duiken. In Nederland wordt dit tegenwoordig op de meeste popconcerten tegengegaan door het plaatsen van hekken en security guards vlak voor de podia. Voor mij dus een nostalgisch aanschouwen. Ook viel het me op tot hoe laat concerten in Griekenland kunnen voortduren: waar het in Nederland voor twaalven meestal wel gebeurd is, kan men er in elk geval in Athene van uitgaan dat de laatste noot van een optreden op z'n vroegst tegen half twee weerklinkt.

Om mijn reisje naar Athene af te sluiten vereerde ik het Atheense concertgebouw (http://www.megaron.gr/) van een bezoek. Ook hier kwam mijn alumnipas me goed van pas: een uur voor aanvang van het concert kon ik voor het luttele bedrag van vijf euro een eersterangskaartje kopen! Ik luisterde er naar een recital van de Cypriotische pianist Kostas Loukos (http://www.kostasloukos.gr/), die niet onverdienstelijk enkele sonates van Beethoven en Liszt speelde, alsmede enkele mazurka's van Chopin. In de pauze werd de goedkoopte van dit concert weer enigszins tenietgedaan: voor vele euro's kocht ik een flesje perrier. Maar goed, het was wel weer even heel iets anders dan de boven genoemde Rodon Club mensen op hun paasbest gekleed te zien. In het concertgebouwwinkeltje kocht ik een cd met Griekse muziek uit de Byzantijnse tijd.



FILMS

In een Atheense openluchtbioscoop zag ik "Confidences trop intimes" (http://www.imdb.com/title/tt0363532/) van Patrice Leconte. Wanneer Anna (Sandrine Bonnaire) zich van deur vergist, begint ze haar huwelijksbeslommeringen per abuis op te biechten aan William Faber (Fabrice Luchini), een fiscaal adviseur. Diep geraakt door de wanhoop van Anna, kan William het niet opbrengen haar te zeggen dat ze zich vergist heeft en hij geen psychiater is. Afspraak na afspraak blijft Anna haar huwelijksproblemen aan hem opbiechten en ontstaat er een soort vreemd ritueel tussen de twee. Steeds opnieuw wordt William ontroerd door de jonge vrouw en hij raakt steeds meer gefascineerd door haar omdat ze hem zulke intieme geheimen toevertrouwt. Maar wie is Anna eigenlijk? Is ze louter een slachtoffer van dit spel? Elke dag meer in de ban van deze vreemde relatie, beginnen William en Anna hun eigen leven, hun familie en hun vrienden ter discussie te stellen. Dankzij elkaar slagen ze erin een nieuwe kijk op hun leven te verkrijgen, zonder echt te weten waar het allemaal heengaat.
Een sobere film, maar dan in de goede zin van het woord. Je verkrijgt binnen anderhalf uur een interessante kijk in de psyche van de twee personages.

Ook in Athene zag ik de Russische film "Shik", ofwel "The Suit" (http://www.imdb.com/title/tt0357169/) van Bakhtyar Khudojnazarov. Het gaat over drie adolescenten die er op een bepaald moment wel uit zijn dat een net pak de weg is naar een betere toekomst. Ze genieten de vrijheid waar hun ouders tijdens het communisme naar verlangd hadden, maar zonder geld is die vrijheid eigenlijk maar weinig waard. De jongens gaan aanvankelijk stelend en kattenkwaad uithalend door het leven. Maar als ze elk voor een speciale gelegenheid in het door hun zo begeerde pak gekleed gaan, blijkt dat grote en verrassende gevolgen voor hun levens te hebben. Met het dragen van het pak worden ze van jongen tot volwassen man. En met volwassenheid komen nieuwe zaken om de hoek kijken. De verhaallijn van deze film is sprankelend en origineel, de personages zijn erg sterk en er zit veel vaart in. Het acteerwerk had hier en daar beter gekund. De setting aan de zuidelijke kust van de Zwarte Zee was in elk geval in stijl met mijn eigen biotoop.

Tot slot is er "The Day After Tomorrow" (http://www.thedayaftertomorrow.com/) van Roland Emmerich. Deze film, vol met special effects en overduidelijk van een breed budget getuigend,
neemt een kijkje op de wereld, zoals die er zou kunnen uitzien wanneer het broeikaseffect dergelijke vormen aanneemt dat het leidt tot wereldwijde catastrofes, met inbegrip van orkanen, aardbevingen, vloedgolven en zelfs het aanbreken van een nieuwe ijstijd. In het midden van deze rampspoed staat professor Adrian Hall (Denns Quaid), een paleoklimatoloog die de wereld tracht te redden en zijn zoon Sam (Jake Gyllenhaal), die in New York is op het moment dat daar de nieuwe ijstijd op het punt staat uit te breken. Terwijl de mensenmassa's naar het zuiden trekken om het vege lijf te redden, gaat Hall juist noordwaarts om zoonlief op te sporen.
Met dit in onwaarschijnlijk tempo verlopend rampenscenario laat Emmerich zien dat "September 11" nu echt tot het verleden behoort en New York in films weer zwaar getroffen mag worden. Na zijn eerdere "Independence Day" en "Godzilla" zijn het nu vloedgolven en krakende vorst die de Big Apple in hun greep nemen. Met een glimlach zien we ook hoe een tornado de beroemde letters "HOLLYWOOD" opslurpt en Amerikanen, vluchtend voor het natuurgeweld, in de rij staan voor de Mexicaanse grens. In zoverre vind ik de film best vermakelijk. Wat wel stoort is dat de film zich krampachtig een weg baant naar een happy end: vader en zoon omarmen elkaar met een traan en overleven het. Nee, geef me dan maar een Myceense tragedie!



TENTOONSTELLINGEN

In het Fotografiemuseum Amsterdam (http://www.foam.nl/) is t/m 22 augustus a.s. de tentoonstelling "Cas Oorthuys - Amsterdam" te zien. Cas Oorthuys (1908-1975) is lange tijd de belangrijkste fotograaf van Nederland geweest. Als documentair fotograaf speelde de Tweede Wereldoorlog, het koloniale verleden van Nederland en de wederopbouw een belangrijke rol in zijn oeuvre. Mensen in hun omgeving waren het belangrijkste thema in zijn werk.
Hoewel Cas Oorthuys meer dan enige andere fotograaf van zijn generatie in het buitenland fotografeerde, was en bleef Amsterdam zijn thuisbasis. Oorthuys liet een enorm archief na, een fotografische schatkamer met circa een half miljoen foto's. Uit zijn talloze Amsterdamse opnamen is een keuze gemaakt van veelal onbekende foto's. De beelden laten zich lezen als een biografie, waarin zijn Amsterdamse woningen, familie, vrienden, stad en opdrachtgevers steeds terugkeren.
Cas Oorthuys begon zijn fotografische carrière als communistisch arbeidersfotograaf en werkte vanaf 1936 als reportagefotograaf voor het sociaal-democratische weekblad Wij. In 1942 nam hij ontslag bij De Arbeiderspers, raakte betrokken bij het verzet en werd een tijd geïnterneerd. Na zijn vrijlating raakte hij tijdens de Hongerwinter betrokken bij de later zo genoemde groep De ondergedoken Camera en in 1946 was Oorthuys getuige van de Neurenbergse processen. Later verandert Oorthuys' visie op de functie van fotografie en gebruikt hij het medium vrijwel niet meer als politiek wapen maar fotografeert hij mensen hoofdzakelijk vanuit een vorm van 'human interest'.
In de periode van 1950 tot 1965 reisde hij nagenoeg naar alle landen van West-Europa voor de reeks foto- en reispockets van uitgeverij Contact die uiteindelijk meer dan veertig delen gaan omvatten.

In het Amsterdams Historisch Museum (http://www.ahm.nl/) is t/m 5 september a.s. "Breitners Amsterdam" te zien. Volgens velen is George Hendrik Breitner (1857-1923) de schilder van Amsterdam bij uitstek. Breitners Amsterdam was een stad vol maatschappelijke en culturele veranderingen. Hij trof hier een kring van gelijkgestemden, de jonge schrijvers en schilders van Tachtig. Daarnaast ontdekte hij in Amsterdam een voor hem nieuw medium om uitdrukking te geven aan wat hij zag: de fotografie. Aanvankelijk dienden de foto's als hulpmiddelen voor zijn schilderijen. Uiteindelijk ontstonden foto's en schilderijen naast en met elkaar en vormen zij als zodanig Breitners gehele collectie.
De beweging in en de verandering van de stad Amsterdam fascineerde Breitner. De stad die halverwege de negentiende eeuw nog slechts 224.000 inwoners telde, moest veertig jaar later - toen Breitner er kwam wonen - aan meer dan het dubbele aantal mensen onderdak bieden. Amsterdam zinderde van activiteit. Nieuwe woonwijken werden gebouwd aan de rand van de stad en in de binnenstad werden oude panden afgebroken om plaats te maken voor grote prestigieuze gebouwen. In dat Amsterdam – dat brandpunt van dynamische beweging door economische vooruitgang, explosieve stadsuitbreiding en culturele veranderingen – wilde Breitner zijn.

Dan is er in het Gemeentemuseum (http://www.gemeentemuseum.nl/) te Den Haag t/m 22 augustus a.s. de tentoonstelling "Belgrado-Parijs". Montmartre was in het laatste kwart van de 19de eeuw de kunstenaarswijk van Parijs bij uitstek. Daar vond je Van Gogh, Toulouse-Lautrec en Renoir in de kunstenaarscafés en de danshuizen op de heuvel boven Parijs. Daar was ook de schamele verblijfplaats van toen nog onbekende schilders als Picasso. Renoir werkte graag in de Moulin de la Galette, een oude molen die was omgebouwd tot een café-dansant met een vrolijk verlichte tuin. Montmartre was toen nog niet helemaal volgebouwd; de Parijzenaars beklommen de Butte Montmartre voor het mooie uitzicht en voor wat frisse lucht.
Montparnasse ligt aan de andere kant van de stad. Dit werd na 1900 de nieuwe kunstenaarswijk van Parijs, opnieuw met een internationaal karakter. Piet Mondriaan woonde op een huurkamer naast het Gare de Montparnasse. Veel kunstenaars troffen elkaar in het Café la Coupole; de zuilen van dit cafe waren gedecoreerd door Brancusi. Uit heel Europa trokken kunstenaars naar Montparnasse: schilders en beeldhouwers uit Joegoslavië, Polen, Italië en Hongarije maakten er gezamenlijk deel uit van de avant-garde. De gevarieerde collecties van het Nationale Museum leveren een beeld op van de kunstenaars uit Montmartre en Montparnasse, van het impressionisme tot het expressionisme, van de abstractie tot en met de Joegoslavische groep Zenith, die via Parijs contacten met De Stijl onderhield. De tentoonstelling schetst een inspirerende tijd in de kunstgeschiedenis en laat tweehonderd werken (schilderijen, sculpturen, tekeningen, grafiek) zien van bekende kunstenaars, zoals Archipenko, Bonnard, Corot, Degas, Delaunay, Denis, Derain, Van Dongen, Dufy, Gauguin, Van Gogh, Jongkind, Kandinsky, Matisse, Mondriaan, Monet, Moreau, Picasso, Pissarro, Redon, Renoir, Rouault, Signac, Sisley, Toorop, Toulouse-Lautrec, Utrillo, De Vlaminck, Vuillard en Willink - aangevuld met Joegoslavische tijdgenoten.



RECEPTEN

Vol goede moed had ik een aantal dieetproducten meegenomen op mijn reis naar Griekenland. Wel, ik kan u verzekeren dat deze gedurende mijn hele verblijf in de koffer zijn gebleven. De Griekse keuken is zo uitnodigend gebleken, zelfs voor vegetariers, dat ik er niet omheen kon. Standaard nam ik altijd de Choriatiki salade, bestaande uit met olijfolie aangemaakte tomaten, rode ui, olijven, paprika en een stevige plak feta erop. Deze wordt standaard geserveerd met een mandje brood. Als hoofdgerecht bestelde ik meestal groenten uit de oven, zoals met rijst en kruiden gevulde tomaten, paprika's en pepers.
Een keer heb ik in Athene in het heerlijke, maar wel enigszins prijzige vegetarische restaurant Eden (http://www.edenvegetarian.gr/) gegeten. Hier kun je van veel Griekse specialiteiten een vegetarische variant bestellen: aan te raden zijn de groentenspiesen en de vegetarische moussaka. Deze kunnen worden geserveerd met dolmadakia, met rijst gevulde wijnbladeren. Een absolute aanrader in dit restaurant is het wortelgebak: een heel verfijnd en niet al te zwaar dessert.

Wat me in Athene steeds weer opviel is dat er zoveel mensen met obesitas (zwaarlijvigheid) rondlopen. Op een bepaald moment had ik het gevoel dat mijn overgewicht nog best wel te overzien is. Ik vermoed dat het probleem bij de Grieken voortkomt uit een combinatie van genetische aanleg en een zeer gecultiveerde eetcultuur, maar wetenschappelijk staven kan ik dat natuurlijk niet. In elk geval is het in Athene heel eenvoudig om een vette hap te kopen: op veel straathoeken zijn kraampjes waar je van de olie druipende bladerdeegbaksels kunt kopen. Voorts is het me opgevallen dat de Grieken zo lang kunnen tafelen. Tussen negen uur en half tien nemen ze met z'n allen plaats op een terras om de maaltijd pas tegen een uur 's nachts te besluiten. Daarbij bestaat bij de obers de irritante gewoonte alle bestelde gerechten tegelijk op tafel te plempen. Dus wanneer je net aan je salade begonnen bent, wordt de hoofdgang er al naast geplaatst. In elk geval mag ik toch niet klagen. Ondanks dat ik mijn dieet tijdelijk in de wilgen heb gehangen, ben ik in Griekenland toch ruim twee kilo afgevallen. Dit hangt waarschijnlijk nauw samen met de grootschalige voettochten en klimpartijen die ik er gemaakt heb.

Mensen die geïnteresseerd zijn geraakt in de Griekse keuken kan ik de website "Greek Cuisine" (http://www.greekcuisine.com/) aanraden. Hier vindt u een uitgebreide collectie recepten voor Griekse salades, soepen, eier-, groente-, vleesgerechten, pasteien, taarten en nagerechten. En als u plannen hebt naar de Verenigde Staten te reizen, kunt u op deze site gelijk opzoeken waar zich bij u in de buurt een Grieks restaurant bevindt. Dan is er nog de Nederlandstalige website Grieks Koken (http://tzoumas.net/grieks/), waar u terecht kunt voor de meest traditionele Griekse gerechten. Ook op mijn eigen site valt vanaf deze week een splinternieuw Grieks menu te aanschouwen, bestaande uit een kruidig romig soepje, een originele Choriatiki salade, de onvermijdelijke tzatziki, een vegetarische moussaka en een naar traditie mierzoete baklava.

* Grieks vegetarisch diner
- http://www.carelschouten.com/vegetarian/menu290504.htm



WOORD

Deze week kocht ik de dichtbundel "Wolken boven E" van de alom besproken Russische dichter Boris Ryzji (1974-2001) met vertalingen van Anne Stoffel en een ten geleide van Kees Verheul. Boris Ryzji, wiens achternaam 'de roodharige' betekent, is opgegroeid in het gezin van een mijnbouwkundig ingenieur in de stad Ekaterinburg. Dit is na Moskou en St.Petersburg de grootste Russische stad ten westen van de Oeral. De stad is in 1723 gesticht door Peter de Grote, en is vernoemd naar diens vrouw. Tijdens de sovjetperiode heette de stad Sverdlovsk, en Ryzji prefereerde deze naam ook nog na de val van het communisme. Het was in Ekaterinburg waar de laatste tsaar en zijn voltallige familie geliquideerd werd. In 1979 kwam de stad kort in het nieuws door geruchten over een uitbraak van anthrax. Door een fout in een van de geheime laboratoria aldaar zijn tientallen burgers om het leven gekomen. Later zou Boris Jeltsin zich vanuit Sverdlovsk opwerken tot de landspolitiek. In de jaren '90 van de vorige eeuw werd Ekaterinburg een belangrijk bolwerk voor de nieuwe Russische maffia.
Het is in elk geval deze stad waar we de poëtische wereld van Ryzji moeten plaatsen. Een wereld van dronkenlui en rokers, huurmoordenaars en politie, fabrieken en gevangenissen. In deze ruige wereld is Ryzji groot geworden, eerst als boxer, later als student aan de mijnbouwhogeschool. Na een aantal wetenschappelijke publicaties over de opbouw van de aardkorst en de seismiek van de Oeral en Rusland, besloot hij dat hij bovenal een dichter was ("Iedereen dacht dat ik boxer was/maar ik ben dichter, dichter!"). Sinds zijn viertiende heeft hij meer dan 1300 gedichten geschreven, waarvan er in Rusland ongeveer 250 zijn gepubliceerd.
Nu is zijn werk ook in Nederlandse vertaling uitgegeven, waarschijnlijk mede als gevolg van zijn deelname aan een internationale poëziewedstrijd (http://www.poetryinternational.org/cwolk/view/15795) in Rotterdam. Hieronder citeer ik Anne Stoffels vertaling van een gedicht uit de bundel "Wolken boven E" dat Ryzji in die tijd heeft geschreven...

Als ik terugkom uit Nederland, geef ik je Lego,
en dan bouwen we samen een prachtig kasteel.
Je kunt jaren en mensen tot terugkeer bewegen,
en ook liefde, wat zeg ik, er is nog zo veel.
Ik ging weg voor altijd, maar- terug zal ik komen,
en dan reis ik met jou naar de zon en de zee.
Of we huren gewoon iets goedkoops voor de zomer
en we tellen ons geld en misschien valt het mee.
We gaan leven en luieren tot het gaat sneeuwen.
En als zoiets niet lukken mocht eventueel -
nou, dan stuur ik, mijn zoon, je uit Nederland Lego,
en dan bouw je maar zelf een fantastisch kasteel.

"De vroeg-Cycladische kunst (http://www.cycladic.gr/) lijkt heel modern en is toch al 4000 tot 5200 jaar oud. Ze ontstond op Náxos, Mílos, Siros, Amórgos en andere Cycladen in de Egeïsche Zee. Maar het volk dat de Cycladen in de bovengenoemde periode bewoonde, heeft nauwelijks sporen achtergelaten, of het moeten hun bescheiden stenen graftomben zijn. De afgodsbeelden die dit volk bij zijn doden begroef, zijn zeer interessant. De beelden hebben bijna allemaal de vorm van een staande naakte vrouwenfiguur die de armen over de borst heeft gekruist. Het lichaam is meestal plat en wigvormig, de nek krachtig en het gelaat, afgezien van de scherpe lange neus, ovaalvormig en uitdrukkingsloos. Binnen dit type, dat eigenlijk bedrieglijk modern aandoet, kunnen we een groot aantal variaties in afmeting en vorm onderscheiden.
Het interessantst zijn misschien de 10 tot 50 cm grote witte marmeren figuren, die met een bronzen zaag uit grotere blokken gesneden en met korund verder bewerkt werden. In de beginperiode stelden de beelden, in sterk gestileerde vorm met lange fallische halzen, vooral de Oermoeder of Moedergodin voor. Bij latere werken ziet men ook muzikanten uit het gevolg van de godin, en rond 350 v.Chr. doken de eerste krijgers op. Vanaf 2000 v.Chr. kwamen de eilanden onder de invloed te staan van de minoïsche cultuur op Kreta. Later werden ze beïnvloed door de Myceense beschaving op de Peloponnesos. De Cycladische cultuur hield ongeveer 1100 v.Chr. op te bestaan.
De Cycladische culturele erfenis is niettemin indrukwekkend. Het ideaal van de slanke meisjesfiguur, zoals dat geleidelijk is ontstaan, contrasteert met de vorm van de vruchtbaarheidsgodinnen van oudere beschavingen en ook met die van de vroege Cycladische culturen, die alle ronde, 'vruchtbare' vormen hadden. Het is denkbaar dat de vrouwelijke naaktfiguren in de loop der tijd een geheel nieuwe betekenis kregen in de Cycladische cultuur en dat daardoor de vorm van de beeldjes langzaam veranderde. Zeker weten doen we dat echter niet. Wat wel vaststaat, is dat de Cycladische beeldhouwers uit het tweede millennium v.Chr. vele honderden jaren lang deze prachtige afgodsbeelden hebben gemaakt." (K.B.)

* De cycladen
- http://www.carelschouten.com/literatuur/gedichten_42.htm#de_cycladen

Agamemnon was de zoon van Atreus en de broer van Menelaos. Hij was de koning van Mycene (bij Homerus) of Argos (in latere teksten), en was de leider van de Griekse troepen tijdens de Trojaanse oorlog. Hij trouwde met Klytemnestra en kreeg bij haar enkele kinderen, waaronder Orestes, Elektra en Iphigeneia.
Toen de Grieken naar Troje uitvoeren, werd hun vloot gevangen door de ongunstige winden bij Aulis. De ziener Kalchas onthulde dat hun onheil veroorzaakt werd door Agamemnon, die had opgeschept dat hij Artemis evenaarde wat jagen betreft; de winden zouden alleen veranderen als Agamemnon zijn dochter Iphigeneia zou offeren. Met tegenzin stemde Agamemnon in, maar toen zij op het altaar stond verving Artemis haar op het laatste moment voor een hert.
Tijdens de belegering van Troje bruuskeerde Agamemnon de grootste Griekse krijger Achilles, doordat hij het meisje Briseis van hem afnam. De woede van Achilles werd de voedingsbodem voor de plot van de Ilias. Na de val van Troje nam Agamemnon Kassandra, de dochter van koning Priamus, als bijzit en nam haar mee naar Griekenland.
Agamemnon had een weinig fortuinlijke thuiskomst. Hij is ofwel door de wind de verkeerde kant opgeblazen in de richting van Aegisthus, of hij is in zijn eigen land aangekomen met Aegisthus voor hem op de uitkijk. Hoe dan ook was Aegisthus de minnaar van Klytemnestra geworden, en de twee vermoordden Agamemnon en Kassandra kort na hun aankomst. Daarop regeerden Aegisthus en Klytemnestra korte tijd over Agamemnons koninkrijk, maar zij werden uiteindelijk gedood door Agamemnons zoon Orestes (oor volgens sommige bronnen door Orestes en Elektra). De thuiskomst van Agamemnon en de nasleep werd het favoriete onderwerp voor de Griekse tragedie.

* Rustende Agamemnon
- http://www.carelschouten.com/literatuur/gedichten_42.htm#rustende_agamemnon

Alleen op reis gaan (http://www.reisvirus.nl/kenya-alleen.htm) heeft voordelen en nadelen. Zo hoef je bijvoorbeeld met niemand overleg te plegen wanneer je plannen voor de dag maakt. Je gaat alleen je eigen interesses en ingevingen achterna. Ook raak je eerder aan de praat met de plaatselijke bevolking en je medereizigers. Die vragen zich vaak af waarheen je zo in je eentje naar op pad bent. Aan de andere kant zijn er ook wel nadelen aan het alleen reizen. Zo is een restaurantje pikken in gezelschap altijd gezelliger. Soms wordt het vreemd gevonden dat je ergens alleen komt eten. Zeker in een land als Griekenland is eten iets dat je samen doet. Ik heb zelfs een keer meegemaakt dat ik als alleenstaande toerist niet buiten op het terras iets mocht zitten, maar ik alleen binnen aan de bar een versnapering mocht gebruiken. Dan voel je je toch wel ietwat buitengesloten. Voorts is het zo dat je met een groepje eerder geneigd bent avontuurlijke dingen te doen, zoals naar oorden reizen waar het maar zeer de vraag is of je daar wel een onderkomen voor de nacht zult vinden. In de bosjes overnachten of wild kamperen doe je toch eerder als je met meer bent dan in je eentje...

* Mono ena atoma
- http://www.carelschouten.com/literatuur/gedichten_42.htm#mono_ena_atoma



BEELD

In de vorige update ben ik van start gegaan met een serie illustraties bij de verhalen van Michail Weller (http://www.weller.ru/), uiteindelijk in Nederlandse vertaling uit te geven in de vorm van een bundel. Deze week illustreerde ik het verhaal "De amerikanist". Hierin wordt Valentin Zorin, amerikanist, sovjetverslaggever en criticaster, op de straten van New York beroofd van twintig dollar. In de hoop door dit incident weer eens flink zijn gal op Amerika te kunnen spuwen, loopt Zorin het nabijgelegen politiebureau in. Hij verwacht natuurlijk dat zijn aangifte op generlei wijze zal leiden tot de aanhouding van de berover. Hij zakt gemakkelijk achterover in een fauteuil op het bureau en pakt er een flesje bier, een sigaar en een krantje bij. Maar hij blijkt de daadkracht van de New Yorkse politie danig te onderschatten. Het verhaal neemt een verrassende wending die zo karakteriserend is voor het korte proza van Weller.

* De amerikanist
- http://www.carelschouten.com/pastels/amerikanist.htm

De datsja (http://www.friends-partners.org/oldfriends/asebrant/life/dacha.html) is voor de Russen een uitvlucht uit het drukke stadse leven. Als het weekend begint stappen duizenden Russen op de lokale trein of bus om hun buitenverblijf op te zoeken. Op het eerste gezicht is dat buitenverblijf, de datsja, niet veel meer dan een houten bouwsel, vaak verstoken van elektriciteit, warm water en telefoon. Toch deert dat veel Russen niet. De datsja is een plaats waar mensen samenkomen om uit te rusten, te vissen en te barbecueën. De datsja ligt midden in de natuur, de kinderen kunnen er vrijelijk in het gras spelen. Voorts hebben de meeste datsja's een omliggende tuin of boomgaard waar groente en fruit wordt gekweekt. Deze worden ingemaakt in potten om voor de winter proviand te hebben.
Moskou en andere grote Russische steden worden in de zomerse weekends massaal verlaten; velen verlaten de hitte en smog voor hun datsja's. Gepensioneerden gaan gewoonlijk voor het hele seizoen naar de datsja, en dat seizoen begint in Rusland in mei en eindigt in oktober. Maar reeds in februari, wanneer het nog vriest en sneeuwt buiten, beginnen de echte datsjafanaten reeds met het zaaien van tomaten en andere groenten, om later overgeplaatst te worden naar de datsjakassen, tot het in mei zo warm wordt dat er geen gevaar meer voor nachtvorst bestaat.
Toen ik tijdens mijn reizen door Oost-Europa stuitte op deze bouwsels ver buiten de bebouwde kom, had ik reeds het idee deze ooit met papier of potlood te moeten vatten. Het feit dat alles zo primitief is heeft echt zijn charme. Helemaal als je gezamenlijk een saunahokje instapt om daarna in een vijver te springen, allemaal op het lapje grond van de datsja. Enkele weken geleden ben ik weer begonnen studie te maken van het omvangrijke oeuvre van Paul Klee (http://www.artchive.com/artchive/K/klee.html), en mede daaruit zijn de twee volgende pastels voortgevloeid...

* Datsja's
- http://www.carelschouten.com/pastels/Datsjas1.jpg
- http://www.carelschouten.com/pastels/Datsjas2.jpg

Soms denk ik dat het toch wel jammer was dat mijn verblijf in Griekenland niet wat langer geduurd heeft. Dan had ik meer tijd gehad om de prachtige bouwwerken van mens en natuur te schetsen of te schilderen. Nou ja, een troost was toch wel mijn splinternieuwe digitale camera. Hiermee kun je op een klein schermpje direct het resultaat van je opnamen zien. Als ze je niet bevallen kun je ze direct deleten. In no time heb je ze op je laptop, waar je ze vervolgens nog eens met Photoshop kunt bewerken. Een selectie van mijn foto's in Griekenland heb ik inmiddels op mijn website (http://www.carelschouten.nl/fotos_griekenland_2004/) gepubliceerd. Naar aanleiding van deze foto's, maar ook ansichtkaarten en posters, ga ik van start met een nieuwe serie pastels, waarvan ik u hieronder de eerste presenteer.

* Gezicht op Griekenland 1
- http://www.carelschouten.com/pastels/gezicht_op_griekenland1.jpg


Tot hier dit keer. Ik wens iedereen een heel fijn, voorspoedig en zonnig vervolg van de maand juni toe en hoop u over drie weken, dus 27 juni a.s., weer met een update te begroeten. Past u allen goed op uzelf... en elkaar.

Veel groetjes,


Carel.


© Carel Schouten, 2004