Michail Weller, "De centaur" home



Het maakt niet uit in welke hoedanigheid je ter wereld komt; daar hoef je je niet voor te schamen. Bij ons is iedereen zogezegd gelijk. Alexander Filippovitsj kreeg het zelfs voor elkaar om als centaur geboren te worden. Centaurs waren er volop in het oude Griekenland, maar in deze tijd hoor je nauwelijks meer iets van ze.
Om te beginnen werd hij niet tot de kleuterschool toegelaten: ze bedachten dat hij een speciaal soort schoenen nodig had, een speciaal bed en dergelijke. Hij moest eerst bij de directrice pijnloos twee tanden uit te trappen, zodat zij naar een bekende privé-tandheelkundige moest gaan. Maar ook toen nog zeiden ze dat hij niet met hoeven in bed mocht liggen, en hij op schoolreisjes achteraan moest lopen en niet met zijn staart mocht zwaaien.
Op school, waar ze hem tegen hun zin hadden ingeschreven, is algemeen onderwijs ook algemeen onderwijs - hij genoot achting door zijn ongewone persoonlijkheid, en daarbij beschikte hij over een dodelijke linksachter. Bij de gymnastiekles stelden ze hem ten voorbeeld, maar aangezien de jury op stedelijke wedstrijden zijn prestaties bij het hardlopen en springen niet meerekende, koesterde hij wrok en verloor hij zijn interesse in een sportcarrière, ondanks de uitzinnige beloften van langsreizende trainers.
Hij raakte geïnteresseerd in de lotgevallen van centaurs in de loop van de geschiedenis. Hij doorstond het toelatingsexamen voor de faculteit geschiedenis (alhoewel de voorkeur werd gegeven aan mensen met werkervaring), waar hij vermaard werd als bezienswaardigheid op gekostumeerde bals (eerste prijzen) en hij het hoofd werd van picknicks, waarbij hij alle meisjes op zijn rug liet rijden. Hij was lang bevreesd dat hij bij meisjes niet in smaak zou vallen, maar het bleek dat velen een uitermate grote interesse voor hem hadden. In het laatste cursusjaar trouwde hij met een professorsdochter. Het is waar dat haar ouders haar vervloekten, maar daarna bedachten ze zich dat ze geen andere kinderen hadden, en daarbij werd Alexander Filippovitsj toegelaten tot de aspirantuur.
De verdediging van het proefschrift "De rol van centaurs in het heden" verliep stormachtig: de professor ontwaakte en zette de aanval in met beschuldigingen van antiwetenschappelijke geschiedvervalsing; hij beweerde dat antieke centaurs zes benen hadden, waarvan twee als resultaat van de evolutie waren veranderd in armen. Gelukkig kwam aan het licht dat de professor vierpotige centaurs verward had met zesvleugelige aartsengelen en de zesarmige Shiva.
Het personeelshoofd verzette zich tegen het aannemen van Alexander Filippovitsj op het Wetenschappelijk Historisch Instituut, en verkondigde dat hij door het feit van zijn bestaan wetenschappelijke beginselen ondermijnde en de atheïstische propaganda hinderde, zodat zijn geleerde schoonvader alle contacten moest aanwenden. Daarentegen werd Alexander Filippovitsj op de afdeling 'Antiek Griekenland' meteen beschouwd als een onmisbare autoriteit. De andere afdelingen waren er jaloers op: de afdeling 'Middeleeuwen' probeerde zelfs een echte heks aan te nemen maar dat stuitte op fel verweer bij de directeur, die verkondigde dat er al genoeg heksen op het instituut werkten.
Alexander Filippovitsj was alleen bij de beheerder van het gebouw niet erg geliefd. Hij riep steeds dat het parket vervangen moest worden. En ook de wachter mocht hem niet zo, op wiens gezicht elke ochtend - wanneer Alexander Filippovitsj voorzichtig zijn pasje tevoorschijn haalde - een ziekelijke en hulpeloze uitdrukking verscheen.

De tegenspoed begon met het verdelen van landbouwopdrachten. Sommigen waren verontwaardigd dat er zoveel mensen waren en slechts één centaur, en anderen wierpen tegen dat hij juist daarom weggestuurd moest worden. Zijn vrouw begon zich mettertijd voor de omstanders te schamen tegenover Alexander Filippovitsj (hoewel ze onder vier ogen net als vroeger heel veel van hem hield), en de geleerde schoonvader nam het niet voor hem op. Daarbij vulde de vervangend directeur het formulier in, op de regel "aantal mensen" duidde hij "1" aan, en uiterst moeizaam verduidelijkte hij "+ 1 paard".
'Dat is toch wat', merkte brigadier Vasja op de kolchoz spitsvondig op, 'wat een nuttig ras mensen hebben ze gefokt! Dat werd 'ns tijd! Kijk toch eens waar wij al niet toe in staat zijn?' Alexander Filippovitsj werd doelmatig voor een kar met aardappelen ingespannen: hij deed ze zelf in zakken, laadde ze zelf in, laadde ze uit, hoopte ze op en telde ze; Vasja turfde het op een blocnote.
'Werken als een paard, en voeren als een mens?' grapte Alexander Filippovitsj in de eetkamer. Ze zeiden iets over het voedselrantsoen, en wie niet tevreden was, ging maar in de weide grazen.
De schoonmaakster maakte stampei en liet hem niet toe in huis.
De volgende dag staakte hij, hongerig en niet uitgeslapen. Vasja greep naar de zweep. De opgewonden Alexander Filippovitsj galoppeerde weg om zijn beklag te doen bij de voorzitter van de kolchoz. Die had echter ook zonder centaurs genoeg problemen; hij snuffelde in de papieren en legde beknopt in leiderstaal uit:
'Hier staat aangegeven "1 persoon + 1 paard". Wilt u niet werken - dan verwerken wij die klacht zo, dat u van de geleerdenstand geheel en al naar de paardenstand wordt overgeheveld.'
Alexander Filippovitsj verzwakte. Hij viel af. Zijn ogen vielen in terwijl zijn ribbenkast begon uit te steken. Op het veld kwamen paarden hem tegemoet met een meevoelend gehinnik, en dat was bijzonder krenkend. Een dierkundige schrok toen hij hem ontmoette, maar de directeur van de club wilde liever in zijn wagen rondrijden en naar de gratis lezing "Ontmaskering van de mythes" gaan.
Na een dag in de regen liep Alexander Filippovitsj een verkoudheid op en werd bedlegerig. Verontwaardigd beloofde de arts, toen hij de hoeven en staart onder de deken uit zag steken, over de dronken grappen van brigadier Vasja rapport uit te brengen aan wie dan ook, en vertrok. De dierenarts die door Vasja geroepen was, sprak de vrees uit dat Alexander Filippovitsj verdoofd moest worden. Na die prognose weigerde de patiënt vierkant door de dierenarts behandeld te worden en was zelfs bang een aspirine te moeten innemen - God weet wat ze erin zouden stoppen.
De goedmoedige Vasja nam wodka mee, Alexander Filippovitsj dronk het op en sliep in. Vasja vroeg zich af wat hij zou doen: Alexander Filippovitsj als mens ter aarde bestellen of de huid afgeven aan het bevoorradingspunt, en hem met het opgebrachte geld herdenken.
Alexander Filippovitsj droomde van het antieke Griekenland, waar mensen en centaurs tussen de bloeiende heuvels wandelden, vredig pratend over de betekenis van de geschiedenis en over de strijd tegen gezamenlijke monstervijanden, en over de meest wijze centaur, die Chiron heette, die zich bezighield met het opvoeden van een jongetje dat Heracles heette, en niemand die daar iets vreemds in zag.

Vertaald door: Carel Schouten


Laatst gewijzigd: 12.08.04