| Toeslaan als een tijger
De baantjes die ik vroeger had kenmerkten zich bijna allemaal door het
kortstondige karakter ervan. Vlak na mijn eindexamen kreeg ik een baantje
als midgetgolfbaanbeheerder in het Amsterdamse Bos. Het was mijn taak
de banen schoon te harken en bezoekers te voorzien van sticks en ballen.
Het waren mooie zomerse dagen, en ik dacht dat ik het hier in mijn ballenhokje
wel enige middagen kon uitzingen. Maar al gauw pakten donkere wolken zich
samen en kwam door heftige regenval mijn positie in het geding. Mijn opdrachtgever
sommeerde me echter om in de keuken te helpen met afwassen. Nou, dat werd
een groot fiasco. Zonder enige vorm van inwerken moest ik het functioneren
van een afwasrobot zien te doorgronden. Als een klungel met een hand in
de zak heb ik daar een beetje rondgehangen, tot ik na tien minuten in
deze toestand door mijn strenge, doch rechtvaardig werkgever werd aangetroffen
die me met een paar tientjes prompt de laan uitstuurde.
Enkele jaren later werd ik gelokt door foldertjes die op de universiteit
werden rondgestrooid: "telemarketeers gezocht". Ik had tot dan
toe nog nooit van dat woord gehoord, dus dat leek me wel wat. Ik kon komen
voor een training tot telemarketeer, die in totaal een halve dag in beslag
zou nemen. Daarna was men volleerd om direct aan de slag te kunnen. Je
zat daarbij in een hokje met een koptelefoon op het hoofd en je moest
mensen bellen op telefoonnummers die je op een computerscherm voorgeschoteld
kreeg. Dan moest je mensen interesseren voor een afspraak met een zogenaamde
assurantietussenpersoon, die advies kon verschaffen over een pensioenregeling.
De ervaring zou namelijk zijn, dat veel mensen zelden bij stilstaan bij
het al dan niet geregeld zijn van hun pensioen. Dus je moest letterlijk
vragen: "Nou mevrouw of meneer, hebt u al wel eens aan uw pensioen
gedacht?" In negentig procent van de gevallen was het antwoord: "Neen,
ik heb geen interesse. Een goedenavond… tuut tuut tuut". Mij
viel dat lot ook zeker ten deel en ik kreeg dan ook tientallen keren per
avond "nee" naar me toe geslingerd. En dat had in die tijd geen
goede uitwerking op mijn eigenwaarde, kan ik u wel verzekeren.
Op een bepaald moment kwam mijn supervisor op me af, die al snel doorhad
dat ik maar mager presteerde op telemarketinggebied. Hij begon me moed
in te praten en me een nieuwe strategie bij te brengen. Ik herinner me
nog goed dat hij het had over het inhaken op "koopsignalen".
Als je van een potentiële cliënt een koopsignaal krijgt, moet
je direct toeslaan, en wel als een wilde tijger! Dus als iemand zegt:
"Goh, ik heb er nooit zo bij stilgestaan… misschien moest ik
dat toch eens doen". Dan moet je gelijk je agenda trekken om met
het individu in kwestie een afspraak te bekrachtigen.
En zo geschiedde het wonder. Ik belde, kreeg een weifelende pensioengeïnteresseerde
en sloeg vervolgens meedogenloos toe! Nu was ik van een sullige huiskat
met staart tussen de benen in eens een zegevierend brullend beest geworden!
Juichend deed ik na afloop van het werk mijn koptelefoon af en liep fluitend
over de tramrails naar huis.
|