Schooltuinen

In het kader van een bredere kennis van de plantkunde stuurden m’n ouders mijn broertje en mij naar de Amstelveense schooltuinen. Hier kreeg iedere scholier een kleine kavel toebedeeld om in te wroeten, te zaaien en uiteindelijk natuurlijk te oogsten. Deze bezigheden werden altijd voorafgegaan door uiteenzettingen over de botanica van een éminence grise die zichtbaar al jarenlange ervaring had op kweekgebied. Er zaten zeker een aantal leuke aspecten aan onze botanische activiteiten. Zo was er een ware wijnrank in de tuinen die na het geronk van een distilleerapparaat uiteindelijk resulteerde in een aantal mooi gebottelde flessen wijn. Voorts was er een bijenkast die we een keer mochten benaderen in het tenue van een imker.
Toch ging het schooltuinenbestaan niet altijd over rozen. Zo mochten wij als minderjarigen alleen maar aan de hierboven beschreven wijn ruiken. Voorts moesten we af en toe groenten telen die we liever niet door onze moeder voor de avonddis klaargemaakt zagen. Hiertoe behoorden o.a. spruitjes, witlof en postelein. Als ik met de oogst in mijn welgevulde schooltas huiswaarts keerde, smeet ik de onsmakelijke gewassen steevast in de bosjes. Ook kan ik me de kernramp van Tsjernobyl nog helder voor de geest halen, daar die een duidelijk impact had op alles wat op onze schooltuinen groeide. Als eerste moest de tuinkers gerooid en vernietigd worden, daar die het meest vatbaar is voor een mogelijke nucleaire winter. Ik weet nog goed dat de gebrilde jongen, die enkele meters verderop zijn kaveltje had, en de bijnaam ‘studiebol’ droeg buitengewoon gefrustreerd, zelfs bijna in tranen was dat alles wat hij verbouwd had rücksichtlos de vuilniszak inging.